Een belangrijke opgave van hoger onderwijs is om studenten op te leiden die kunnen bijdragen aan maatschappelijke vraagstukken. Maatschappelijke vraagstukken zijn vaak zo complex, dat er veel verschillende perspectieven en invalshoeken nodig zijn om tot goede oplossingen te komen. Dat vraagt om professionals die in staat zijn om verschillende perspectieven en invalshoeken te herkennen, interpreteren en analyseren, hierop te reflecteren en deze eventueel te gebruiken om hun perspectief bij te stellen (kortgezegd: “perspectivistische lenigheid”). Dit is echter een complex cognitief proces en het blijkt dat adolescenten hier steeds minder vaardig in zijn.
Dit project beoogt inzicht te verkrijgen in hoe studenten adaptief te ondersteunen bij (het aanleren van) perspectivistische lenigheid. Voordat hiernaar gekeken kan worden, is beter begrip van de mechanismen achter deze sociaal-cognitieve vaardigheid in de praktijk noodzakelijk. Gebaseerd op inzichten uit de cognitieve neurowetenschappen, onderzoeken we:
1) de effecten van activatie van het self-other mechanisme (dat ten grondslag ligt aan het innemen van perspectieven) op de perspectivistische lenigheid van studenten bij werken aan authentieke, interdisciplinaire vraagstukken;
2) de toepasbaarheid van adaptieve ondersteuning aan de hand van AI-gegenereerde feedback en nudges bij het (leren) combineren van verschillende perspectieven, zodanig dat dit aansluit op de leerbehoeften en capaciteiten van studenten.